Internationale Nederlandse merken zijn Amsterdams

Mensen kunnen niet tegen inconsistenties. Merkuitingen moeten daarom aansluiten bij de grotere gehelen waarvan ze deel uitmaken, zoals de branche, de regio en het merk Nederland bij Nederlandse merken.

 

Externe merkconsistentie

Voor een onderneming zijn merken een juridisch eigendom: een teken om haar producten te onderscheiden van concurrerende merken. Voor klanten zijn merken daarentegen een (symbool van) sociale identificatie: het merk biedt klanten de mogelijkheid te laten zien waar ze voor staan. Het is daarbij belangrijk dat de diverse merkvarianten (psycho)logisch samenhangen, omdat ons brein niet goed kan/ wil omgaan met inconsistenties (cognitieve dissonantie). Dit geldt net alleen intern (merkvarianten onderling), maar ook extern: merkuitingen moeten aansluiten op de grotere gehelen waarvan ze deel uitmaken, zoals de branche, de regio en het merk Nederland bij Nederlandse merken.

Nederlandse waarden

De vijf meest waardevolle internationale Nederlandse merken zijn in 2018 Shell, KPMG, ING, Philips, en Rabobank. BrandFinance schat de waarde van Shell op € 39 miljard (23e). Andere sterke Nederlandse merken zijn KPMG (positie 119), ING (160), Philips (173) en Rabobank (plaats 307). Dat dit Nederlandse merken zijn en dat ze waardevol zijn, daarover is iedereen het over het algemeen wel eens. Maar wat het precies betekent om een Nederlands merk te zijn, krijgt veel minder aandacht. Op haar internationale website is de pay-off van Shell Harnessing human ingenuity, die van Philips innovation and you, van ING’s Empowering people to stay a step ahead in life and in business, van KPMG Anticipate, Innovate, and Deliver en van Rabobank Together, we are the bank. Overkoepelend is dat deze Nederlandse topmerken staan voor functionaliteit, gezamenlijkheid, innovatie en winstgevendheid. Waarden die kenmerkend zijn voor de protestante achtergrond van De Nederlanden.

Amsterdam

De hoofdkantoren van ING, Philips en KPMG zijn gevestigd in Amsterdam. Van Shell is het (nog) in Londen, omdat bij het samengaan de Nederlandse vestigingsplaats werd ‘weggegeven’ in ruil voor een 60-40% verdeling van de aandelen. Shells technologiecentrum is wel gehuisvest in Amsterdam. De hele wereld kent Amsterdam nog vanuit onze Gouden Eeuw, waarin we de rijkste natie waren met de eerste aandelenbeurs. Oorlog voerden we voor vrije handel en niet voor politieke idealen. De merkbelofte  I Amsterdam geeft het belang aan van het individu in het grotere geheel; in het Engels vanwege haar internationale karakter c.q. om meer geld te kunnen verdienen. Terwijl Amsterdam wereldberoemd is, is internationaal nauwelijks bekend dat Amsterdam in the Netherlands ligt, dat Holland hetzelfde land is en dat de mensen die daar vandaag komen the Dutch worden genoemd. Om nog duidelijker te maken dat we een land zijn met veel mogelijkheden, doen we mee aan de Olympische Spelen onder de naam Team NL. Nederlandse merken doen er dus goed aan officieel zaken te doen vanuit Amsterdam. Zo is het merendistrict van Amsterdam de meest kansrijke positionering voor toeristisch Friesland, kan Drenthe het beste internationale vakantiegangers lokken met haar Amsterdam Stones. en kan vliegveld Groningen Airport Eelde zich het beste omdopen tot East Amsterdam Airport als ze internationaal succes zou willen boeken.

Dutch

Een andere mogelijke positionering voor internationale Nederlandse merken ligt bij de veel Engelse spreekwoorden en gezegden met ‘Dutch’, die ook weergeven dat we bekend staan als functioneel, creatief, rendabel en individueel; zoals Beat the Dutch (iets bijzonders doen), Dutch auctions (op een veiling beginnen met een hoge prijs en die stap voor stap verlagen), Double Dutch (een springtouw bestaande uit twee touwen draaiend in omgekeerde richting), Dutching (gebruiken van gammastralen om bedorven eten weer eetbaar te maken), Dutch bargain (overeenkomst afsluiten met drank erbij), Dutch concert (musici die verschillende melodieën door elkaar heen spelen), Dutch courage (moed dankzij alcohol), Dutch Gold (een verbinding van koper en zink), Dutch disease (geen stuurmaan accepteren), Dutch reckoning (een vage factuur die stijgt bij vragen erover), Dutch uncle (betweter), Dutch widow (prostitué), Go Dutch (de rekening delen) en Going Dutch (alsmaar ruziemaken, maar toch samenwerken). De meest beroemde associatie is echter dat God created, the world, but the Dutch created the Netherlands.

Water

’Iedereen weet’ dat onze creativiteit, rentabiliteit en individualiteit is ontwikkeld doordat ons land grotendeels onder de zeespiegel ligt. Dus, de internationale Nederlandse kernassociatie is ‘water’, in lijn met de Thales, de eerste Griekse filosoof, die beweerde dat water de basis van alle dingen was. Onze kerncompetentie is (water)planning en het gebruik van elke meter beschikbaar land. De oorspronkelijke bewoners van Nederland hielden van de combinatie van jacht en vruchtbare grond. De overstromingen namen ze op de koop toe in ruil voor het feit dat landheren zich niet bekommerden om deze grond en de daarmee verbonden vrijheid. In de middeleeuwen ontwikkelden we windmolens om land op de zee te veroveren. Om deze ‘polders’ bouwden we vervolgens dijken omheen, die de bewoners gezamenlijk beheerden. Bij onderlinge conflicten, bleven we samenwerken in de polderactiviteiten. To polder is niet toevallig een Engels woord voor zowel land winnen van zee als in overleg iets bereiken. Amsterdam is in de twaalfde eeuw gebouwd door een dam te maken in de Amstel-rivier. Watermanagement was ook de kern van onze oorlogvoering: zomers lieten we het land onder lopen en in de winter versloegen we de vijand op de schaats.

KLM

Historisch gaf KLM in 1919 een prachtig voorbeeld van een oer-Nederlandse internationale positionering met The Flying Dutchman: de mondiaal bekende legende over een Nederlandse kapitein die ook op Pasen wilde varen en het slechte weer trotseerde; elke zeeman die rond Kaap de Goede Hoop wilde varen en het spookschop zag, wist dat zijn laatste uur was aangebroken. KLM draaide de angst om met de merkbelofte: van fictie naar feit. Feiten daar gaat het om in ons koele kikkerlandje; tenminste, zolang we vrij zijn en ergens geld mee kunnen verdienen.

Cijfers

Nederlanders zetten de ‘7’ en de ‘9’ door de schrijflijn heen, terwijl veel andere landen dit met opzet niet doen. De ‘1’  met een lange ophaal, die je in veel andere landen ziet, is juist niet Nederlands. Dit betekent dat de ‘1’, de ‘7’ en de ‘9’ mogelijkheden bieden om het Nederlandse aanpassingsvermogen te illustreren.

Uw merk ontwikkelen?

Wees slim, neem Wim:

06 107 44 198  / merkontwikkeling@wimjurg.nl